4
Doe de regelquiz!
 
Vraag 440: Speler A doet een slag vanaf de green en voordat de bal tot stilstand komt, haalt zijn mede-competitor B een takje achter de hole weg dat wellicht de bal had kunnen stoppen. Wat nu?

Geen van beide spelers krijgt straf.
B krijgt twee strafslagen.
Beide spelers krijgen de straf voor de overtreding van de regel.
A krijgt twee strafslagen.


Vraag : 410 Welke van de volgende zaken is een vast obstakel?

b. out of bounds paal
a. teemerk
c. boom die aangeeft dat het 150 meter tot de green is
d. bruggetje over een sloot (waterhindernis)


Vraag 166: MATCHPLAY. Nadat een speler heeft afgeslagen, bemerkt hij dat hij van buiten de afslagplaats heeft gespeeld. Wat is juist ?

De speler moet, als zijn tegenstander dit eist, de slag laten vervallen en opnieuw een bal spelen binnen de afslagplaats. Hij krijgt geen straf.
De speler verliest de hole.
De speler moet, als zijn tegenstander dit eist, de slag laten vervallen en opnieuw een bal spelen binnen de afslagplaats. Hij krijgt één strafslag.
De speler moet met zijn bal verder spelen. Hij krijgt twee strafslagen.
De speler moet met zijn bal verder spelen. Hij krijgt één strafslag.


Vraag : 107 MATCHPLAY. Nadat u volgens de Regels uw bal op de green hebt opgenomen, plaatst u per ongeluk een andere bal terug. U merkt dit pas nadat u hebt geputt. Wat is juist?

c. U hebt een verkeerde bal gespeeld en u moet opnieuw putten met de oorspronkelijke bal. U krijgt één strafslag.
a. Nadat u uw bal volgens de Regels hebt opgenomen, mag u altijd een andere bal terugplaatsen. U krijgt geen straf.
d. U moet opnieuw putten met de oorspronkelijke bal. U krijgt geen straf.
b. U mocht in dit geval uw bal niet vervangen en u verliest de hole.


Vraag : 185 MATCHPLAY. Een speler putt zijn bal ongeveer 40 cm te kort. Hij denkt dat zijn tegenstander de volgende slag wel zal geven en neemt daarom zijn bal op. Zijn tegenstander heeft echter niets gezegd en hij is ook helemaal niet van plan de volgende slag te geven. Wat is juist ?

a. De speler moet de bal terugplaatsen en hij krijgt geen straf.
c. De speler heeft de hole verloren.
b. De speler moet de bal terugplaatsen en hij krijgt één strafslag.


controleer

TOOLS
PRINT DEZE PAGINA
STUUR DOOR
NIEUWSBRIEF
Het Golfvaardigheidsbewijs

 
Spelplezier en veiligheid zijn belangrijke aspecten van het golfspel. De NGF heeft in overleg met de overheid een Golfvaardigheidsbewijs ontwikkeld. Wie aan de daaraan gestelde eisen voldoet, heeft getoond de basisprincipes van golf te beheersen.

Lees meer...

GVB Exameneisen

 
DEEL 1 THEORIE

Het theorie-examen duurt 60 minuten, is schriftelijk (multiple choice) en wordt afgenomen over de tijdens het spel meest voorkomende Regels, alsmede over de Etiquette en de Gedragsregels in de ruimste zin van het woord.
Het is niet toegestaan om tijdens het examen gebruik te maken van het regelboekje of enig ander referentiemateriaal.

Lees meer...